Wat wordt bedoeld met smaad?

Smaad is het moedwillig zwartmaken van een ander. Dit kan geschieden via een publicatie in de media, maar bijvoorbeeld ook via Twitter op Facebook. Voor het doen van een aangifte van smaad is het vereist dat u bent beschuldigt van iets, waarbij het niet eenvoudig vast te stellen is of deze feiten waar of onwaar zijn. Zelfs wanneer de feiten waar zijn, kan er aangifte van smaad worden gedaan.

Wat wordt bedoeld met laster?

Laster is het moedwillig iemand beschuldigen van een onwaar feit waarbij de ander in zijn eer en goede naam wordt aangetast. Het verschil tussen smaad en laster is dus dat het bij laster altijd gaat om beweerde feiten die niet waar zijn. Alleen wanneer u in uw goede naam bent aangetast door onware feiten kan er aangifte worden gedaan van laster. 

Wat houdt gefinancierde rechtsbijstand in?

Als u rechtsbijstand niet kunt betalen, kunt u aanspraak maken op gesubsidieerde rechtsbijstand. Heeft u rechtsbijstand nodig? Dan vraagt uw advocaat of mediator dit voor u aan bij de Raad voor de Rechtspraak. U betaalt een eigen bijdrage (minimaal € 143,-) die afhangt van uw inkomen en vermogen.

Gesubsidieerde rechtsbijstand ontvangt u niet zomaar. Hiervoor gelden voorwaarden. Zoals de hoogte van uw inkomen wel of niet uit eigen zaak en het vermogen. De inkomensgrenzen voor gesubsidieerde rechtsbijstand vindt u op Rechtsbijstand.nl.

Uw advocaat of mediator stelt samen met u een aanvraag op voor gesubsidieerde rechtsbijstand. Hij vraagt rechtsbijstand voor u aan bij de Raad voor Rechtsbijstand.

De raad bepaalt daarna of u in aanmerking komt voor een vergoeding. Deze bijdrage in de kosten van een advocaat of mediator (conflictbemiddelaar) heet een toevoeging. De raad krijgt gegevens over uw inkomen en vermogen van de Belastingdienst.

U betaalt altijd een eigen bijdrage als u gesubsidieerde rechtsbijstand ontvangt. De hoogte van uw eigen bijdrage hangt af van uw inkomen en vermogen (zoals spaargeld).

Wanneer wordt u in bewaring gesteld?

Naast het onderzoek naar de rechtmatigheid van de arrestatie en de inverzekeringstelling is het ook de Rechter-Commissaris die beslist of u in bewaring wordt gesteld.

Als de Officier van Justitie namelijk wil dat u langer blijft vastzitten na de inverzekeringstelling (deze mag maximaal 6 dagen duren), dan moet hij uw bewaring vorderen. Men spreekt hier ook wel van voorlopige hechtenis. In feite betekent dit dat de Officier van Justitie aan de Rechter-Commissaris toestemming vraag om u nog langer vast te houden.

De Rechter-Commissaris kan niet zo maar toestemming verlenen, hij moet kijken of er ernstige bezwaren zijn en gronden. Oordeelt de Rechter-Commissaris dat op basis van uw zaaksdossier voldoende redenen zijn om u langer vast te houden dan zal hij uw bewaring bevelen.

De rechtmatigheidstoetsing en de beslissing op de vordering bewaring van de Officier van Justitie vindt meestal in een keer plaats. Soms worden deze zaken opgesplitst. De Rechter-Commissaris toetst dan eerst de rechtmatigheid van uw arrestatie en uw inverzekeringstelling en beslist tijdens een tweede gelegenheid over de vordering tot inbewaringstelling.

Bewaring: de voorwaarden

De Rechter-Commissariss staat de bewaring in het algemeen alleen toe, als hij tot het oordeel is gekomen dat de inverzekeringstelling volgens de regels is verlopen en als uit het zaaksdossier blijkt dat aan een aantal voorwaarden is voldaan:

  • het moet gaan om bepaalde strafbare feiten, en
  • er moet sprake zijn van ‘ernstige bezwaren', en
  • er moet een specifieke grond(en) zijn,

Ook is het mogelijk dat u in bewaring gesteld wordt als u geen vaste woon- of verblijfplaats heeft en u wordt verdacht van een strafbaar feit waar de wetgever gevangenisstraf op heeft gesteld. namelijk wil dat u langer blijft vastzitten na de inverzekeringstelling (deze mag maximaal 6 dagen duren), dan moet hij uw bewaring vorderen. Men spreekt hier ook wel van voorlopige hechtenis. In feite betekent dit dat de Officier van Justitie aan de Rechter-Commissaris toestemming vraag om u nog langer vast te houden.

Wat kunt u van Juridische Hulp Online verwachten na het verwerken van uw verzoek?

Als het juiste formulier volledig is ingevuld en de eventuele kosten zijn voldaan wordt het in behandeling genomen door een jurist van Juridische Hulp Online. Dit onder verantwoordelijkheid van Ausma De Jong Advocaten dan wel een andere op het desbetreffende rechtsgebied kundige advocaat. Na controle ontvangt u een bericht op het opgegeven e-mailadres dat uw document klaar is en kan worden opgehaald in uw eigen beveiligde omgeving. Juridische Hulp Online is niet verantwoordelijk voor de inzending. U dient er zelf voor te zorgen dat het document tijdig en op de juiste wijze wordt ingediend, tenzij dit alleen door een advocaat kan worden gedaan. In dat geval zorgt Juridische Hulp Online hier voor. Indien er nog nadere vragen of onduidelijkheden zijn kan er middels de chat functie overleg plaatsvinden.


Welk verschil zit er tussen het behandelen van uw verzoek door advocaat en het zelf doen?

De meeste beschikbare formulieren kunnen door u zelf bij de juiste instantie worden ingediend. Bij de meeste zaken kan de rechter bepalen dat er een zitting komt voor het geven van een nadere toelichting. Het kan zinvol zijn om samen met een advocaat naar de zitting te gaan of om een advocaat te machtigen om namens u het woord te voeren. In die gevallen kunt u aangeven wat uw voorkeur heeft. Is rechtsbijstand van een advocaat gewenst of soms zelfs verplicht, dan kan er gebruik worden gemaakt van de diensten van Ausma De Jong Advocaten of een advocaat bij u in de buurt. U bent vrij om een advocaat van eigen keuze in te schakelen. Hieraan zijn echter veelal kosten verbonden. Hiervoor worden er nadere afspraken met u gemaakt.  

Wat is de rol van het CJIB?

Het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB) te Leeuwarden wordt vaak direct in verband gebracht met de incasso van verkeersboetes. Het CJIB is als uitvoeringsorganisatie van het Ministerie van Justitie inderdaad ook belast met de inning van verkeersboetes.

De werkzaamheden van het CJIB zien niet alleen op de inning van (verkeers)boetes en maatregelen. Het CJIB heeft daarnaast nog een aantal andere belangrijke taken. 

Het CJIB coördineert bijvoorbeeld de vrijheidsstraffen, taakstraffen en arrestatiebevelen. Ook heeft het CJIB een informerende functie richting publiek, pers en de met het CJIB samenwerkende organisaties (het OM, de politie, de reclassering, de rechtbanken en het gevangeniswezen). 

Aan het CJIB is dus de inningstaak opgedragen. Hoewel het CJIB zich voor het merendeel bezighoudt met het innen van verkeersboetes zorgt het CJIB bijvoorbeeld ook voor de inning van overige boetes, schadevergoedingmaatregelen en ontnemingsmaatregelen. 

Het CJIB dient als inningsinstantie (is in feite het ‘incassobureau' van justitie) voor: 

  • verkeersboetes 
  • boetes opgelegd door de strafrechter
  • transacties
  • strafbeschikkingen
  • ontnemingsmaatregelen
  • schadevergoedingsmaatregelen
  • bestuurlijke boetes
  • europese boetes

Het CJIB handelt voor het grootste deel de boetes af van de verkeersovertredingen die vallen binnen de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv), beter bekend onder de naam ´Wet Mulder´. Bij deze verkeersboetes gaat het om lichte verkeersovertredingen waarbij geen letsel of schade is ontstaan. De politie stelt het CJIB in kennis van de verkeersovertreding, waarna de overtreder van het CJIB de boete voorzien van acceptgiro krijgt thuisgestuurd.

Het gaat dan bijvoorbeeld om: 

  • rijden door rood licht 
  • ‘handsheld' bellen tijdens het besturen van een auto
  • rijden zonder gordel
  • alcoholovertredingen met een gering promillage
  • onverzekerd rijden

Politie en justitie komen dus de bevoegdheid toe voor het opleggen van boetes, maar niet alleen de politie en justitie zijn hiertoe bevoegd. Ook andere overheidsinstanties en bestuursorganen kunnen boetes en dwangsommen opleggen. Het CJIB voert de inningstaak van deze boetes en dwangsommen uit voor een tiental rijksdiensten (waaronder De Voedsel en Waren Autoriteit, het College Bescherming Persoonsgegevens en de Inspectie van Verkeer en Waterstaat).

Het CJIB heeft een coördinerende taak bij vrijheidsstraffen en arrestatiebevelen 

Als de strafrechter een vrijheidsstaf of taakstraf oplegt, moet het OM ervoor zorgen dat deze straf ook daadwerkelijk ten uitvoer gelegd wordt. De veroordeelde moet natuurlijk zijn vrijheidsstraf of taakstraf ook echt uitzitten of uitvoeren. 

Het CJIB heeft hierbij een coördinerende rol. Een speciaal onderdeel van het CJIB, het Landelijk Coördinatiepunt Arrestatiebevelen (LCA) houdt zich hiermee bezig. Het LCA voert drie taken uit: 

  • zorgen voor de plaatsing van veroordeelden met een vrijheidsstraf in de gevangenis (in vaktaal: penitentiaire inrichting of PI) 
  • coördineren van taakstraffen
  • coördineren van arrestatiebevelen

Als u door een strafrechter bent veroordeeld tot een vrijheidsstraf dan krijgt u, als u op vrije voeten bent, een arrestatiebevel of u wordt in de gelegenheid gesteld om uzelf te melden bij een bepaalde gevangenis.

Als u door een strafrechter bent veroordeeld tot een taakstraf, dan moet u verplicht een werk en/of leerstraf met goed gevolg afronden/afsluiten. Het OM stuurt de uitspraken van de strafrechter door aan het LCA. Het LCA draagt de zaak dan over aan de reclassering. Met uitvoering van de taakstraf is het LCA dus niet belast, wel houdt het LCA bij of de taakstraf binnen de vastgestelde termijnen goed wordt uitgevoerd. 

Als u een verkeersboete, een opgelegde geldboete bij strafrechtelijk vonnis, een schadevergoedings- of ontnemingsmaatregel niet (volledig) betaald dan kunt u worden opgepakt en ondergebracht in een gevangenis (penetentiaire inrichting of huis van bewaring). De politie krijgt met het arrestatiebevel als het ware de opdracht om u aan te houden en op te sluiten.

Wanneer mag er DNA worden afgenomen?

DNA speelt een steeds grotere rol bij het oplossen van misdrijven. Forensisch onderzoek biedt meer en meer mogelijkheden om de herkomst van biologische sporen te achterhalen. Deze sporen spelen vaak een rol bij de opheldering van diverse soorten misdrijven. Denk aan spermasporen die worden aangetroffen op kledingstukken van slachtoffers van zedenmisdrijven of aan bloedsporen op steekwapens van verdachten van mishandeling of doodslag.

De wettelijke mogelijkheden zijn de afgelopen jaren fors verruimd. Politie en Openbaar Ministerie mogen in meer gevallen verdachten dwingen een DNA-test te ondergaan. Dit verhoogt het aantal opgeloste misdrijven. Daarbij is sinds 1 februari 2005 is de Wet 'DNA-onderzoek bij veroordeelden' van kracht. Mensen moeten nu verplicht DNA-celmateriaal afstaan wanneer zij veroordeeld zijn voor een misdrijf waarop in de wet een gevangenisstraf staat van maximaal vier jaar of meer.

Wat is een taakstraf?

De taakstraf bestaat uit een werkstraf, een leerstraf of een combinatie van beide. De taakstraf kan niet worden opgelegd als u wordt veroordeeld voor een overtreding waarop geen vrijheidsbenemende straf (gevangenisstraf of hechtenis) is gesteld.

De taakstraf kan voor maximaal 480 uur worden opgelegd. Van die 480 uur kan maximaal 240 uur een werkstraf zijn. 

Als u de taakstraf niet of niet goed uitvoert, dan kan er vervangende hechtenis worden toegepast. De vervangende hechtenis wordt opgelegd voor minimaal 1 dag en voor maximaal 8 maanden. 1 dag hechtenis staat gelijk aan 2 uren werkstraf.

Wat gebeurt met in beslag genomen goederen?

Als de politie iets in beslag genomen heeft, krijgt u een bewijs van ontvangst. Uw spullen worden tijdelijk opgeslagen in een bewaarruimte op het politiebureau. Daarna gaan ze naar het beslaghuis. Elke eenheid van de politie (behalve de Landelijke Eenheid) heeft een eigen beslaghuis. Waarom iets in beslag genomen is en van wie het is, schrijft de politie nauwkeurig op in een Kennisgeving van Inbeslagneming.

De politie beslist niet zelf wat er met uw spullen gebeurt. Dat doet het Openbaar Ministerie (OM).

Het Openbaar Ministerie (OM) besluit wat er met uw inbeslaggenomen spullen gebeurt. Het kan vier beslissingen nemen:

  • Teruggeven 
  • Opslaan als bewijs
  • Verkopen
  • Vernietigen

Als het OM vindt dat de politie uw spullen niet in beslag had mogen nemen, krijgt u ze terug. De spullen die nodig zijn als bewijs in een rechtszaak worden opgeslagen bij Domeinen Roerende Zaken. Als u ze op kunt komen halen, krijgt u een brief van Domeinen.

Het kan ook zijn dat het OM besluit dat de spullen verkocht of vernietigd moeten worden. Dat gebeurt als het verboden spullen zijn, of als ze gekocht zijn met geld dat verdiend is met bijvoorbeeld drugshandel of witwassen.

Wanneer worden goederen in beslag genomen?

De politie mag om drie redenen spullen in beslag nemen:

  1. Om een strafbaar feit mee te bewijzen. Denk aan een mes waarmee iemand is neergestoken en waarop vingerafdrukken zitten. 
  2. Om strafbare spullen van straat te halen. Denk aan vuurwerk, nagemaakte merkkleding, drugs of verboden wapens. Want iets wat verboden is, brengen we niet terug op straat.
  3. Om iets af te pakken dat met crimineel geld gekocht is. Denk bijvoorbeeld aan dure auto’s of horloges die gekocht zijn met geld dat verdiend is met drugshandel.

Wat is een dagvaarding?

De Officier van Justitie beslist of en wanneer uw zaak voor de rechter komt. Als dat het geval is, ontvangt u van het OM een dagvaarding. U ontvangt deze op het adres waar u staat ingeschreven of verblijft (bijvoorbeeld thuis, op het politiebureau of in het huis van bewaring). Dit heet de betekening van de dagvaarding. Degene die de dagvaarding in ontvangst neemt, tekent daarvoor.

Inhoud dagvaarding

Strafbaar feit en zitting

In de dagvaarding wordt in juridische bewoordingen beschreven voor welk strafbaar feit de Officier van Justitie u vervolgt. In de dagvaarding staat ook waar en wanneer uw zaak door de rechter op een zitting wordt behandeld.

Getuigen, slachtoffers en rechten 

Eventuele getuigen worden genoemd in de dagvaarding. Ook wordt vermeld of een slachtoffer een vordering tot schadevergoeding heeft ingediend. Op de achterkant van de dagvaarding staat informatie over de rechten waarvan u gebruik kunt maken, zoals het recht op rechtsbijstand (rechtsbijstand.nl).

Welke rechter? 

In de dagvaarding staat ook welk soort rechter uw zaak behandelt.

  • Kantonrechter               

               De kantonrechter behandelt overtredingen. 

  • Politierechter

 Als het om een relatief licht feit gaat waarvoor de officier van justitie van plan is niet meer dan 1 jaar gevangenisstraf te vragen, behandelt de politierechter uw zaak.

  • Meervoudige kamer

Zwaardere zaken worden behandeld door 3 rechters. Dit wordt de meervoudige kamer genoemd.

  • Economische rechter    

De economische politierechter en de meervoudige economische kamer behandelen strafbare feiten op het gebied van bijzondere strafwetten, zoals milieu- en financiële wetgeving.

Wanneer is er sprake van gevangenhouding?

De bewaring duurt maximaal 14 dagen. Als de Officier van Justitie het nodig vindt dat u langer vast moet blijven, dan komt uw zaak voor de raadkamer van de rechtbank. De Officier van Justitie zal dan binnen de 14 dagen dat uw bewaring duurt, uw gevangenhouding eisen.

Het verschil met de voorgeleiding is de instantie die beslist of u nog langer moet blijven vastzitten. Bij de bewaring is dit de Rechter-Commissaris, bij de gevangenhouding is dit de zogenaamde raadkamer van de rechtbank. 

De raadkamer bestaat uit drie rechters als er over uw gevangenhouding wordt beslist. Als het gaat om een verlenging van uw gevangenhouding bestaat de raadkamer uit een (1) rechter. 

Duur van de gevangenhouding: maximaal 90 dagen 

Daarnaast is nog een belangrijk verschil met de bewaring, namelijk de duur waarvoor u vast moet blijven zitten. Bij de bewaring gaat het om een periode van maximaal 14 dagen. Bij de gevangenhouding gaat het over een periode van maximaal 90 dagen. 

Eventuele kortere periodes van gevangenhouding (bijvoorbeeld 30 of 60 dagen) kunnen maximaal twee keer verlengd worden. Maar de totale duur van de gevangenhouding mag niet langer zijn dan 90 dagen.

Wanneer heeft u een strafblad?

De officiële benaming van een strafblad luidt: Uittreksel Justitiële Documentatie. Als u een overtreding of misdrijf begaan heeft, wordt u in de justitiële documentatie opgenomen (U heeft dan ‘een strafblad').

Bewaartermijn overtredingen

Gegevens over overtredingen blijven meestal vijf jaar geregistreerd. De termijn is tien jaar als u bent veroordeeld voor een vrijheidsstraf of een taakstraf. De termijn is ook tien jaar als u bent veroordeeld tot een geldboete van de derde of een hogere categorie. 

Bewaartermijn misdrijven

Gegevens over misdrijven blijven dertig jaar geregistreerd. Deze termijn wordt verlengd met de duur van de vrijheidsstraf als deze meer dan drie jaar duurt. Als u een misdrijf heeft begaan waar een gevangenisstraf van acht jaar of meer op staat, wordt de termijn verlengd met tien jaar. 

Als u een misdrijf tegen de zeden heeft begaan, worden uw gegevens pas verwijderd wanneer u bent overleden. Ook in alle andere gevallen worden uw geregistreerde gegevens pas verwijderd wanneer u bent overleden. 

Kan ik ergens opvragen of ik een strafblad heb? 

Als u wilt weten of u een strafblad heeft, kunt u een verzoek indienen bij de griffie van de rechtbank in uw woonplaats of bij de Frontoffice van de Justitiële Informatiedienst. Bij dit verzoek moet u uw naam, adresgegevens en telefoonnummer vermelden en een kopie van een identiteitsbewijs meesturen. De rechtbank stuurt u dan een uitnodiging om het uittreksel in te zien. U moet hier een vergoeding voor betalen.

Wat zijn griffierechten?

Als u een procedure bij de rechter start, moet u griffierechten betalen. U betaalt dit alleen bij civiele zaken en bestuursrechtelijke zaken. U betaalt geen griffierecht bij strafzaken.

Hoe lang mag de politie u verhoren/vasthouden?

De politie mag u maximaal 15 uur vasthouden zonder u inverzekering te stellen. Als u niet in verzekering kan worden gesteld omdat u verdacht wordt van een strafbaar feit waarbij dit niet mogelijk is, dan kan de politie u maximaal 21 uren vasthouden.

Tijdens deze 15 of 21 uren kunt u worden verhoord. Dus ook in de nachtelijke uurtjes. Er zijn wel grenzen aan het verhoor. Zo mag u niet onafgebroken worden verhoord.

Wanneer mag de politie u aanhouden?

De politie kan u aanhouden als zij het redelijke vermoeden hebben dat u zich schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit.

Welke voorwaarden zijn er voor voorlopige hechtenis?

Alleen als er aan de navolgende voorwaarden is voldaan mag u in voorlopige hechtenis worden genomen:

  • het moet gaan om bepaalde strafbare feiten, en 
  • er moet sprake zijn van ‘ernstige bezwaren', en
  • er moet een specifieke grond zijn of
  • u heeft geen vaste woon- of verblijfplaats en u wordt verdacht van een strafbaar feit waar gevangenisstraf op staat.

Wat betekent voorlopige hechtenis?

Na de periode van inverzekeringstelling volgt eventueel een periode die voorlopige hechtenis wordt genoemd. De voorlopige hechtenis is een verzamelnaam voor de verschillende perioden (bewaring, gevangenhouding, gevangenneming) die u voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling van uw strafzaak vast kunt zitten.

De Rechter-Commissaris beslist over de inbewaringstelling (de eerste fase van de voorlopige hechtenis). Of u ook vast moet blijven zitten in het kader van de zogenaamde gevangenhouding en gevangenneming, beslist de raadkamer. 

Hoewel de Officier van Justitie dus kan beslissen om u wel of niet inverzekering te stellen kan voorlopige hechtenis alleen door tussenkomst van de rechter worden oplegd. De rechter in de hoedanigheid van Rechter-Commissaris of raadkamer beslist dus over de voorlopige hechtenis. 

Nadat u maximaal voor 15 uur bent opgehouden voor verhoor en u maximaal 6 dagen inverzekering heeft gezeten, kunt u maximaal 104 dagen in voorlopige hechtenis zitten, voordat uw zaak voor de eerste keer op zitting komt. 

Dit kan ook een pro forma zitting zijn, hetgeen inhoud dat uw zaak niet inhoudelijk zal worden behandeld. Tijdens de pro forma zitting zal de rechtbank beslissen over de voortduring van uw voorlopige hechtenis en kunnen er onderzoekswensen worden voorgelegd aan de rechtbank.

Hoe lang duurt een inverzekeringstelling?

De wet bepaalt dat de inverzekeringstelling maximaal drie dagen duurt. Hoewel het streven van de politie is om het onderzoek binnen deze termijn van drie dagen af te ronden, kan de inverzekeringstelling eenmaal met drie dagen worden verlengt indien dit noodzakelijk is.

Hierbij wordt het onderzoeksbelang afgewogen tegen de persoonlijke belangen van de verdachte. 

Persoonlijke belangen zijn bijvoorbeeld: 

  • verzorging van een zieke partner of kind 
  • behoud van werk
  • begrafenis of bruiloft

De (hulp) Officier van Justitie kan u dus maximaal voor een periode van 6 dagen in verzekering stellen.

Voordat u in verzekering wordt gesteld wordt u verhoord. Hier wordt een schriftelijk proces-verbaal van opgemaakt. Bent u het niet eens met de inhoud, ondertekent u dan niets. U bent dus niet verplicht om uw handtekening te zetten onder welk document dan ook. 

In sommige gevallen komt de reclassering u bezoeken indien u in verzekering bent gesteld. Dit is echter niet altijd zo.

Als een minderjarige verdachte in verzekering gesteld wordt, dan gaat er een bericht naar de Raad voor de Kinderbescherming en zal een medewerkers van deze raad de verdachte komen bezoeken. Dit noemt men ook wel de vroeghulp.

Wanneer worden er beperkende maatregelen opgelegd?

Een inverzekeringstelling kan gepaard gaan met beperkingen. Dit is een apart bevel van de Officier van Justitie waarin hij/zij u in het belang van het onderzoek beperkende maatregelen opgelegd.

Deze beperkingen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat u zonder uitdrukkelijke toestemming van de Officier van Justitie geen: 

  • bezoek mag ontvangen. Deze beperking geldt dan niet voor de advocaat, de politie, de reclasseringsmedewerker en in het geval van de minderjarige verdachte, de ouders.
  • gebruik maken van telecommunicatiemogelijkheden. Deze beperking geldt dan weer niet voor de advocaat, de justitiële autoriteiten en de Commissie van Toezicht. Elke gevangenis heeft een dergelijke commissie waar u kunt klagen over uw behandeling. 
  • brieven mag versturen of ontvangen. Deze beperking geldt dan weer niet voor de advocaat, de justitiële autoriteiten en de Commissie van Toezicht.
  • contact mag hebben met medegedetineerden.
  • geen audiovisuele media mag ontvangen (televisie kijken) of schrijvende persberichten mag ontvangen (kranten e.d.).

In de volksmond wordt dan gezegd dat u in beperkingen zit. De Officier van Justitie kan dus kiezen tussen verschillende beperkingen. Hij/zij hoeft ze dus niet allemaal op te leggen. Beperkingen zijn erg belastend voor u. U mag dan bijvoorbeeld geen nieuws zien en met niemand praten of bezoek ontvangen.

De beperkingen gelden niet tussen u en uw advocaat. Als u in beperkingen zit, zit uw advocaat dat als het ware ook. Uw advocaat mag inhoudelijk dan niet met derden (familie, vrienden, medeverdachten etc.) over uw zaak spreken. Wel mag de advocaat in het algemeen iets zeggen over de verdenking.

Wat betekent in verzekering stellen?

Als de Officier van Justitie er niet in slaagt om het onderzoek, na aanhouding, binnen 15 uren af te ronden en het mogelijk is om u voor het feit waarvan u wordt verdacht in verzekering te stellen, dan zal de Officier van Justitie dit in het belang van het onderzoek bevelen. Dit betekent dus dat u in dat geval langer blijft vastzitten.

De inverzekeringstelling mag alleen worden toegepast om het onderzoek naar het strafbare feit waarvan u verdacht wordt te voltooien. Het onderzoeksbelang staat hierbij centraal.

Het kan bij het onderzoeksbelang bijvoorbeeld gaan om:
  • nadere verhoren
  • confrontatie met getuigen
  • vrees voor vluchtgevaar
  • het voorkomen dat u het onderzoek dwarsboomt
  • uitreiken van stukken over de strafzaak, bijvoorbeeld de dagvaarding.
Het bevel tot inverzekeringstelling kan door de (hulp)Officier van Justitie alleen worden gegeven als u wordt verdacht van een strafbaar feit waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan. Als hoofdregel geldt dat voorlopige hechtenis mogelijk is als het gaat om strafbare feiten waarop een gevangenisstraf van vier jaar of meer staat (vierjaarsfeiten). Daarnaast is voorlopige hechtenis mogelijk in een aantal speciale gevallen.

Voorbeelden van zogenaamde vierjaarsfeiten zijn:
  • moord, doodslag
  • openlijke geweldpleging
  • meineed
  • namaken/vervalsen van munten/bankbiljetten
  • valsheid in geschrift
  • bigamie
  • kinderpornografie
  • verkrachting
  • ontucht
  • mensenhandel
  • gijzeling
Voorbeelden van specifieke misdrijven waarvoor inverzekeringstelling mogelijk is:
  • bedreiging
  • mishandeling
  • diefstal
  • verduistering
  • oplichting
  • vernieling
  • heling

Wat is een strafbeschikking?

Het OM kan voor een aantal veel voorkomende strafbare feiten zelf straffen opleggen. Dit gebeurt in de vorm van een strafbeschikking. Deze kan bestaan uit een boete, taakstraf, een maatregel of een aanwijzing opleggen. Het OM kan geen gevangenisstraf opleggen, dat blijft een taak van de rechter.

Een strafbeschikking kan opgelegd worden voor:
  • overtredingen
  • misdrijven waarop maximaal zes jaar gevangenisstraf staat .
Als een bestrafte het niet eens is met zijn strafbeschikking, kan hij/zij bezwaar maken door verzet in te stellen bij het OM. De strafrechter zal de strafzaak dan in zijn geheel opnieuw beoordelen.

Wanneer wordt uw rijbewijs ingenomen?

In de Richtlijn voor strafvordering tarieven en feitomschrijvingen voor misdrijven, overtredingen en gedragingen als bedoeld in de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV), is opgenomen welke straf de Officier van Justitie op een zitting moet eisen wanneer iemand de maximumsnelheid fors heeft overschreden. De strafeis is afhankelijk van de mate van de overtreding en de vraag of er sprake is van recidive. 

Wanneer op grond van de Richtlijn een onvoorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid moet worden geëist, zal de Officier van Justitie stellen dat ernstig rekening moet worden met de mogelijkheid dat die ontzegging volgt. Het rijbewijs zal dan door de Officier van Justitie worden ingenomen.

Wanneer wordt uw rijbewijs ingevorderd?

De politie kan uw rijbewijs invorderen als u de veiligheid op de weg ernstig in gevaar brengt. Bijvoorbeeld als u veel te hard rijdt of als u teveel alcohol heeft gedronken. Ook als u openstaande boetes heeft wordt uw rijbewijs soms ingenomen.

Uw rijbewijs kan onder andere worden ingevorderd in de volgende situaties:

  • U heeft een alcoholgehalte in uw bloed van meer dan 1,3 promille. Voor beginnende bestuurders is dit 0,8 promille. 
  • U weigert mee te werken aan een alcoholonderzoek (blaastest of bloedonderzoek).
  • U rijdt 50 kilometer per uur of meer te hard. Op de bromfiets geldt dit bij 30 kilometer per uur of meer te hard rijden.

Wat is een VOG?

Een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) is een verklaring waaruit blijkt dat uw gedrag in het verleden geen bezwaar vormt voor het vervullen van een specifieke taak of functie in de samenleving. Justis screent (rechts)personen die een VOG aanvragen en geeft de VOG's af.

Een VOG kan worden afgegeven aan natuurlijke personen (mensen) en aan rechtspersonen (bedrijven/organisaties). Als iemand een VOG aanvraagt, doet Justis onderzoek naar het justitiële verleden van een natuurlijk persoon (NP) of rechtspersoon (RP). Om een baan te kunnen krijgen is het in veel gevallen nodig om een VOG te kunnen overleggen. Voor sommige branches is dit zelfs (wettelijk) verplicht.

U krijgt in ieder geval een VOG als u geen strafbaar feit heeft gepleegd dat relevant is voor de betreffende functie.

Wat wordt er bedoeld met een voordeelsontneming?

Het Openbaar Ministerie kan tijdens of na het strafproces vorderen dat behaald financieel voordeel van een verdachte wordt ontnomen. Het gaat dan om voordeel dat is behaald met het plegen van strafbare feiten. Bijvoorbeeld de opbrengsten die worden verkregen uit een hennepkwekerij op zolder.